Het ontstaan van het “hart” van de destructie. The birth of the center of animal rendering

Animal Rendering – Destructie:  column part 16

Pleas scroll down for the english version

Het ontstaan van het  “hart” van de destructie
In de zeventiende en achttiende eeuw deden Papin en Pasteur vindingen, die een definitieve doorbraak zouden vormen voor nieuwe verwerkingsmethoden voor kadavers en dergelijke. Zij werden voortaan niet alleen meer onschadelijk gemaakt maar konden meteen ook worden omgezet in nuttige producten.

Met de vindingen van Papin en Pasteur is de destructieautoclaaf of “rendering cooker” geboren: het met verzadigde stoom onder druk onschadelijk maken en doen uiteenvallen van kadavers en ander dierlijk afval.

Hoe zat dat?

Rond 1850 ontdekte Louis Pasteur dat rotting, bederf en diverse ziekten werden veroorzaakt door bacteriën en dat koken in water niet alleen rot en bederf stopt maar ook de ziektekiemen doodde. Het proces van kortstondige verhitting van een product waarbij de schadelijke bacterien worden vernietigd, zonder het product zelf te beschadigen is met de naam “pasteuriseren” dan ook naar hem vernoemd.
Dankzij het werk van Pasteur en doordat kadavers en dergelijke zelf al voor 75% uit water bestaan, ontdekte men dat zij alleen al door een hittebehandeling onschadelijk werden gemaakt. Het was dus niet persé nodig ze te verbranden.

Denis Papin ontdekte niet alleen dat bij een hogere druk water bij een hogere temperatuur kookt. Rond 1679 ontdekte hij ook dat groenten, vlees en zelfs botten bij hogere druk veel sneller en gemakkelijker “gaar” werden.  Hij deed zijn ontdekkingen met een ijzeren ketel, waarop het deksel volledig afsluitbaar kan worden vastgeklemd: de Papiniaanse Pot. Om exploderen te voorkomen ontwikkelde hij ook de eerste veiligheidsklep.

In 1681 maakte hij in zijn uitvinding een krachtige en voedzame bouillon door botten door vlees in drie uur bij een druk van 2-3 atm. en een temperatuur van 121-135 °C  te verkoken. Deze druk verkreeg hij mede door het tot stoom verdampende water. Deze bouillon deelde hij dan uit aan de armen.

Papin zag het sneller gaar worden van vlees en botten als een soort “verteren” en noemde zijn apparaat een daarom een “digesteur”.

Onder meer vanwege het explosiegevaar zou het nog een eeuw duren voordat Napoleon de Papiniaanse Pot in zijn legerkeukens zou gaan gebruiken en in de tweede helft van de negentiende eeuw begon hij de opmars als “autoclaaf”. Uiteindelijk veroverde de Pot in 1915 als “snelkookpan” ook de huishoudingen in de wereld.

Vanaf ongeveer de tweede helft van de negentiende eeuw tot vandaag de dag is, dankzij de vindingen van Papin en Pasteur de destructieautoclaaf of “rendering cooker” nog steeds het hart van de destructie.


The birth of the center of animal rendering
In the seventeenth and eighteenth centuries  Papin and Pasteur did inventions, which would constitute a final breakthrough for new processing methods for animal carcasses and so on. They were now not only more destroyed but they were made inoffensive and could also be converted into useful products.

With the inventions of Papin and Pasteur the rendering cooker was born: With saturated steam under pressure making inoffensive and disintegrate the animal waste.

How was that?

Louis Pasteur discovered around 1850 that rotting, decay and various diseases were caused by bacteria and that cooking in water not only stops rot and decay but also killed the disease-germs. The process of momentary heating of a product where the harmful bacteria are destroyed, without damaging the product itself is named after him “pasteurization”.

Thanks to the work of Pasteur and because carcasses and such already exist for 75% water, it was discovered that they were made harmless by heat treatment alone. So it was not necessarily needed to burn them.

Denis Papin discovered not only that at a higher pressure water boils at a higher temperature. Around 1679 he also discovered that vegetables, meat and even bones at higher pressures were much faster and more easily “cooked”.  He did his discoveries with an iron boiler, which can be clamped the lid fully secured: the (steam)digester. By the way To prevent explode he developed also the first safety valve.

In 1681 he made in his invention a powerful and nutritious broth by bones by cooking meat in three hours at a pressure of 2-3 atm. and at a temperature of 121-135 ° C. He obtained this pressure, by evaporating the water from the meat into steam. The broth he shared out to the poor.

Papin considered this fast cooking of the meat and the bones as a kind of digesting  and called his device therefore a “digesteur” or digester.
Because of the risk of explosion it would still take a century before Napoleon will use the steamdigester in his army kitchens and in the second half of the nineteenth century the digester began the advance as “autoclave”. Eventually the digester captured in 1915 as “pressure cooker” the households in the world.

From about the second half of the nineteenth century until nowadays thanks to the inventions of Papin and Pasteur the autoclave as rendering cooker is still the heart of animal rendering:

blog 2015 02 10 Denis Papin scientific american 1880

Ondanks al zijn briljante uitvindingen sleet Denis Papin zijn laatste levensjaren Londen in eenzaamheid en armoede. Door de gehele wetenschappelijke wereld vergeten stierf hij rond 1710. Zijn precieze sterfdatum is onbekend ….   bron

Despite all his brilliant inventions lived  Denis Papin the last years if his life out in London in loneliness and poverty. Throughout the scientific world’s forgotten he died about 1710. His precise date of death is unknown ….
http://en.wikipedia.org/wiki/Denis_Papin

Advertenties

Eten wat de vilderspot schaft…Take (skinners)potluck..

 


Animal Rendering – Destructie Column part 14

Please scroll down for the English version

Eten wat de vilderspot schaft…
In grote delen van onze moderne wereld moeten wij er niet aan denken maar zeker tot in het begin van de negentiende eeuw werd kadavervlees gewoon gegeten. De vilders van toen wisten blijkbaar – als ervaringsdeskundigen – hoe dat zonder gevaar voor hun gezondheid kon.

Onderzoekers hebben van de vilders op het Parijse Montfaucon toen ook aangetoond dat zij – ondanks de vreselijke stank en andere weerzinwekkende omstandigheden – niet alleen kerngezond waren maar zelfs ook oud werden.  Niet zelden werden de vilders 60-70 jaar oud en  bijna allemaal zijn ze aan ouderdom gestorven. Eén van hen is zelfs 84 jaar oud geworden.
En dat was in die tijd echt stok en stok oud!

Met het oog op deze Decembermaand enkele vildersrecepten uit die tijd…..

Net zoals wij tegenwoordig bouillon trekken uit een soepbot, zo deden de vilders dat ook.
Pezen en stukken werden fijn gesneden en met tienmaal zoveel water plus een gele raap met peper en zout 6 tot 8 uur lang gekookt. Na zeven liet men de opgevangen vloeistof rustig afkoelen tot een krachtige en uiterst voedzame gelei.

Vlees van nog verse kadavers op de vilderijen ook gegeten . Het vlees werd met huid en haar in zodanige stukken gesneden, dat het in de speciaal daarvoor bestemde kookpot paste. Deze pot werd eerst half gevuld met water en aan de kook gebracht. Dan kwam het eerste het stuk vlees erin dat men net zolang liet koken, totdat de haren los lieten. Het stuk vlees werd uit de kookpot gehaald en de haren eraf geschraapt. Dit “recept” herhaalde men net zo lang totdat alle stukken vlees op deze wijze waren “bereid”.  Tenslotte bracht men het vlees met zout en eventueel peper op smaak… Door dit vlees vervolgens op hete stenen of een hete ijzeren plaat uit te drogen, kon dit gedurende lange tijd worden bewaard. Het uitgedroogde vlees kon later in dunne plakjes of na weken of opkoken in water weer worden gegeten.
Het kookvocht ging na zeven, om de haren te verwijderen, en afkoelen naar de varkens.

Vlees, dat niet meer door de mens kan worden gegeten kon tot varkensvoer worden verwerkt door het te mengen met gekookte aardappelen. Verbrokkelen van het vlees en mengen met graan gaf een heel goed kippenvoer, dat kippen graag lusten en waarvan ze goed groeiden.

Gekookt bloed, gelei en kleine stukjes vlees werden gemengd met brooddeeg voor brood.  Meteen nadat zo’n brood gebakken was, werd dit in plakken gesneden en in een oven uitgedroogd. Op een droge plaats werd dit als voedselvoorraad bewaard.

De vilders kookten vlees niet alleen ook werd het gebraden .Hiervoor moest dan wel de huid nog aan het vlees vast zitten. Eerst werden met kokend water en door schrapen de haren van de huid verwijderd. Dan werd het vlees met de huid naar onderen in een schotel van gebakken aarde of in een pan gelegd, een weinig water toegevoegd en werd het geheel op het vuur gezet. De schotel of de pan werd afgesloten met een deksel, met daarop gloeiende kolen.  Op deze wijze had men dan een soort oven, waarin het vlees werd gebraden. Het vleesvocht liep naar beneden maar kwam daarbij niet verder dan de huid, waardoor het vocht in het vlees bleef en er zo een smakelijk, zacht en mals stuk vlees werd verkregen.

Tenslotte werden mits voldoende vers en niet aan een of andere ziekte doodgegaan aten de vilders en hun gezinnen niet alleen (kadaver)vlees van paarden, koeien,varkens en schapen maar ook dat van honden, katten en zelfs ratten. In nood zelfs ook marters, hoewel deze – hoe vers ook – stonken en daarom alleen maar gegeten werden als er echt niets anders meer was.

 Smakelijk eten, Bon Appetit, Enjoy yor meal , buen apetito, Velbekomme, slamat makkan

Voor het overige wens ik U allen een zalig Kerstfeest en een gelukkig en voorspoedig 2015

 

Take (skinners)potluck..

In large parts of our modern world – now we must not think about that – but certainly in the early nineteenth century cadaver meat was just eaten. The skinners of that days apparently knew – as experts – how the coud do that without any danger for their health.

Researchers have shown that the skinners of the knacker-yards of Montfaucon near Paris  – despite the horrible smell and other horrific circumstances – were not only as sound as a roach but they also grew old. Not infrequently the skinners grew 60-70 years old and almost all of them have died of old age. One of them has become even 84 years.
For that times that was very elderly!

In view of this month of December I give you some “skinner recipes” from that time … .

Just as we now draw broth from soup-stock, so did the skinners too.
Tendons and pieces of skin were chopped and cooked for 6-8 hours with ten times as much water plus a yellow turnip with salt and pepper. After straining the collected liquid is allowed to cool quietly to a powerful and highly nutritious jelly.

Meat from fresh carcasses of fallen livestock was also eaten by the skinners. The meat  with the skin and hair in cut in such a way, that it just fits in a dedicated cooking pot. This pot was first half filled with water and brought to boil. Then the first piece of meat was put in it and was cooked until the hair let loose. The piece of meat was taken out from the put and the hair was scraped off. This “recipe” was repeated  until in this way all pieces of meat were prepared. Finally, one brought the meat with salt and pepper to taste … Then by drying out this meat on hot stones or a hot iron plate, this meat could be kept for a long time. Later the dried-out meat could be cut in thin slices, weekened or boiled in water to be eaten.
The cooking liquid was strained in order to remove the hair, and cool down and given as food to the pigs.

Meat, which no longer can be eaten by humans could be processed to pig food by mixing with boiled potatoes. Crumble of the meat and mixing it with corn results in a very good chicken food, that chickens like and of which they grew well.

Cooked blood, jelly and small pieces of meat were mixed with bread dough for bread. Right after such a bread was baked, this was sliced and dried in an oven. This was kept in a dry place as food supply.

Skinners not only cooked meat they also roasted it. To do so it was necessairy that the skin is still stuck to the meat. After it was boiled in water by scraping the hair was removed from the skin . Then the meat with the skin downward was put in a dish of pottery or in a pan, added a little water to it and the whole were put on the fire. The dish or the pan closed with a lid, with glowing coals upon it. In this way, one had a kind of oven, in which the meat was roasted. The meat moisture ran down but it came not beyond the skin, causing the moisture in the meat remained and so a tasty, soft and tender piece of meat was obtained.

Finally on condition that it was fresh and not from an animal died to one or other disease the skinners and their families eate not only (carcass) meat of horses, cows, pigs and sheep but also that of dogs, cats and even rats. In need they eate even martens, although this – how fresh – they stinks and therefore martens were only eaten if there really was nothing else.

 Smakelijk eten, Bon Appetit, Enjoy yor meal , Buen apetito, Velbekomme, Slamat makkan

 

For the rest:  I wish you all a Merry Christmas and a Happy, healthy  and Prosperous 2015

Blog 2014 12 10 afbeelding 1kopiekopie

Bron: http://commons.wikimedia.org/wiki/File:Hendrik_Valkenburg_Old_Kitchen_1872.jpg